
We weten het al langer: de wereld is een plaats vol verandering. De afgelopen tijd, tijdens de kredietcrisis is dat des te duidelijker geworden. Ging het in voorbije jaren om reorganisaties, fusies, overnames, allianties en privatisering, tegenwoordig tellen internationalisering, mondialisering en hardere concurrentie op de wereldarbeidsmarkt steeds zwaarder. Investeren in jezelf (lifelong learning) is een goede manier om loopbaanzekerheid te behouden.
Maar wat is nu precies een goed investering in de eigen arbeidsmarktrelevantie? Een diepgravende specialistische opleiding, of een brede management-opleiding? En wat is kwaliteit daarin, volgens keurmerken, de markt en studenten zelf? En wat weegt zwaarder: de kwaliteit van de professoren (kenniseffect) of van de medestudenten (netwerkeffect)?
Besliskracht als key skill
Kennis is nog steeds noodzakelijk, maar absoluut niet voldoende voor het management van vandaag. Bij het maken van optimale beslissingen komt immers véél meer kijken dan zo’n tien of twintig jaar geleden. Vroeger was het voldoende wanneer de manager continu op de hoogte was van de laatste ontwikkelingen.
Tegenwoordig is de imple mentatiekracht ook steeds meer van belang. Door de ‘information overload’ binnen organisaties is het noodzakelijk om een juiste selectie te maken uit die enorme hoeveelheid. En al zou het management in staat zijn de juiste selectie te maken, dan nog betekent dit niet dat de meest optimale beslissing wordt genomen. Het is allemaal ook nog eens complexer geworden. Met allerlei verschijnselen, processen en interacties.
Dieper inzicht in de dynamiek van de wisselwerking tussen (a) de verschillende functies binnen de organisatie en (b) de organisatie en haar omgeving, is essentieel voor het management van vandaag. ‘Dynamisering van inzicht’ is een belangrijk kenmerk van modern management.
Executive masters bieden meer
Afhankelijk van de fase waarin de manager zich bevindt, kiest hij of zij voor een masteropleiding. Binnen Europa is het gros van de masteropleidingen pre-ervaringsonderwijs, bedoeld voor jongere studenten die direct of 1 à 2 jaar na het behalen van een bachelor doorstromen. Bij executive masteropleidingen gaat het om postervaringsonderwijs en een diepgaande professionele ontwikkeling. Het hebben en delen van ervaring vormt hier, in tegenstelling tot de ‘reguliere’ masteropleidingen, een belangrijk onderdeel van het didactisch concept.
Wij focussen ons met name op executive opleidingen en integratieve programma’s, zowel open enrollment als op company specific programma’s. Niet op cursussen en trainingen. Het gaat niet om vaardigheidstrainingen of ‘how to’- cursussen. Ook al kunnen deze gericht zijn op een ‘post-academisch’ publiek. De nadruk ligt op opleidingen ten behoeve van management. Wil je meer concrete afwegingen en beslissingen kunnen maken, die meer strategisch dan tactisch-operationeel van aard zijn dan ligt dit type opleidingen voor de hand.
Wanneer kies je voor een executive master?
Aangezien eerder verworven managementkennis steeds sneller deprecieert, groeit de behoefte aan meer verdieping of verbreding. De keuze voor een bepaalde masteropleiding hangt af van het vakgebied en de levensfase waarin de manager zich begeeft. Is de behoefte met name gericht op verbreding van managementkennis binnen het vakgebied? Of is men juist over de grenzen van het vakgebied heen gegroeid naar een strategische managementrol?
Wie volgen executive masteropleidingen?
Executive masters zijn dus vooral gericht op diegenen die managementverantwoordelijkheid hebben of ambiëren of professionals. In aansluiting op de behoeften van de manager kan het niveau per programma verschillen. Niet iedere professional (senior manager, afdelingsmanager, young professional) zit immers in dezelfde carrièrefase.
Uit ervaring weten we dat de samenstelling van de deelnemersgroep essentieel is voor de kwaliteit van de opleiding. Bij TiasNimbas zijn dat professionals van circa 32 - 50 jaar met een academische of een hbo-vooropleiding. Ze beschikken over minimaal vijf jaar werkervaring. Daarbij komt dat zij niet alleen interesse hebben in praktische ervaringen en aanbevelingen, maar ook in de achtergronden hiervan. Dit laatste is waar TiasNimbas opleidingen bekend om staan.
De input van de deelnemers is, naast de kwaliteit van en interactie met de docenten, een cruciale factor. Belangrijk voor het resultaat van je leerproces is immers dat je door uitwisseling van praktijkervaring van en met elkaar leert. Deelnemers worden dan ook hierop geselecteerd; ze hebben allen elkaar iets te zeggen. Het gaat namelijk om de ‘kruisbestuiving’ en stimulatie door groepsinteractie van professionals met verschillende achtergronden.
Wat levert een executive master op?
Wat een opleiding oplevert, hangt naast de kwaliteit (de opbouw van het programma, de kwaliteit van de docenten en de deelnemersgroep) ook af van het nagestreefde niveau, de positionering en het imago van de opleidingenaanbieder. Is de opleiding bijvoorbeeld (a) university-based en (b) gericht op projectbased learning of niet?
Werkt de opleider op de frontiers-of-knowledge
Hoe hoger het niveau van de opleiding, hoe meer het strategisch denken in een complexe, sterk veranderende omgeving wordt gestimuleerd. Deelnemers aan executive masters gaan de uitdaging aan om boven zichzelf uit te steken. Er wordt kritisch gekeken naar steeds weer nieuwe concepten.
Het is wel een complexer niveau (je neemt enige afstand van het dagelijkse operationele), maar absoluut niet per definitie té abstract. De abstractie wordt in ieder geval direct (middels cases) geplaatst in een zekere praktijksituatie. De beste basis voor strategische beslissingen. De wisselwerking tussen theorie en praktijk is essentieel: de realiteit wordt voortdurend als ankerpunt gezien en voorkomt al teveel theoretiseren.
Het hoge niveau van dergelijke executive masters brengt met zich mee dat aan de deelnemers van deze opleidingen eisen worden gesteld, zodat zij perfect aansluiten bij het opleidingsniveau. Zij dienen te beschikken over abstractievermogen, het vermogen om werkelijk strategisch te denken, consequent mentaal te schakelen en voortdurend te wisselen van perspectief. Hoge kwaliteitseisen gelden ook voor de docenten. Zo worden de executive Masteropleidingen van TiasNimbas bijvoorbeeld verzorgd door topdocenten met (inter-)nationale erkenning en door praktijkmensen die het belang onderschrijven dat deelnemers door het volgen van een opleiding hun eigen denken in breder perspectief leren te plaatsen. Executive masteropleidingen van het hoogste niveau: Met uiterst intensieve en veeleisende interactie.
Project-based learning of hoorcolleges?
Om antwoord te vinden op de vraag wat een executive masteropleiding oplevert, zijn concrete resultaten aan te geven, zoals assignments, presentaties en papers. Concepten die tijdens de opleiding behandeld zijn, worden (in tegenstelling tot cases) naar de eigen praktijksituatie vertaald.
Een andere manier om naar de praktijk te vertalen is een groot integratief project onder begeleiding van hoogleraren. Daarbij is het van belang dat dit project door het topmanagement gedragen wordt. Zo is de kans op daadwerkelijke implementatie in een later stadium groter. Dit soort van projecten wordt dikwijls vergeleken met een intern consultancytraject. Een traject dat je anders bij een externe consultant zou onderbrengen.
Hoe is kwaliteit te herkennen
Wat de kwaliteit is van een executive master hangt af van verschillende factoren. Masteropleidingen worden beoordeeld op de ambitie die wordt nagestreefd, de kwaliteit van de docenten, de diversiteit van de deelnemersgroep en het verwerven van managerial skills middels het didactisch concept.
Indien je voor strategisch belang kiest, dan krijgt een instituut met een academisch accent in de opleiding meestal de voorkeur. Indien de ambitie meer tactisch-operationeel is, dan behoort een opleiding met minder nadruk op academische aspecten tot een van de mogelijkheden.
Overigens speelt het imago en de kwaliteit van de opleidingenaanbieder een belangrijke rol bij de keuze en waardering voor een opleiding. De kwaliteit van het instituut is immers zeker bepalend voor de kwaliteit van de opleiding. Een heterogene samenstelling van de groep deelnemers werkt stimulerend op de kwaliteit van het programma. Belangrijk kwaliteitscriterium is hierbij de mate waarin nadruk wordt gelegd op de selectie van toekomstige deelnemers.
Tenslotte is de persoonlijke ontwikkeling een graadmeter voor de kwaliteit van een opleiding. Dit maakt niet altijd heel concreet deel uit van het programma. Dikwijls bestaat er zelfs een toelatingsvoorwaarde alvorens men aan de opleiding kan beginnen. En ook al hebben executive masters vaardighedenontwikkeling niet primair in de opleiding opgenomen, managerial skills worden hier vaak wel gestimuleerd door de didactische technieken.
Uiteindelijk valt of staat een opleiding met de opbouw van het programma en de kwaliteit van de faculty. Uiteindelijk wordt ieder masterprogramma getoetst door de Academic Council. Het toekennen van de mastertitel aan een programma gebeurt binnen de gelieerde universiteiten en is als zodanig beschermd. Iedere drie jaar wordt herbekeken of nog aan de richtlijnen wordt voldaan.
Nieuwe ontwikkelingen
De markt zal in de nabije toekomst blijven vragen om een duidelijke omschrijving van opleidingsmogelijkheden (zeker nu de BAMAstructuur haar beslag heeft gekregen). Het is dus zaak dat aanbieders van executive masters zich duidelijk blijven profileren. Het management zal zich verder willen blijven professionaliseren en blijft vragen naar executive masters met een academische achtergrond. Het beslissingsdomein van de manager wordt immers alleen maar complexer.
Willen we onszelf alsook onze organisaties voortdurend laten groeien en blijven ontwikkelen, dan is permanente educatie en lifelong learning de toekomst. Blijven vragen naar het waarom en hoe, continue nieuwsgierig blijven naar nieuwe kennis en ideeën: never stop asking.
Aanbieders van executive masters dienen zelf ook dagelijks de grenzen van kennis te verleggen, om die vervolgens te kunnen overschrijden en (programma’s) te blijven ontwikkelen. Het gevolg is een hoge kwaliteit van managementopleidingen en een voortdurende prikkeling tot innovatie.
Mimi Lamote (CEO SCF Groep, voorheen General Manager C&A België en Luxemburg) volgde het Retail Management programma dat TiasNimbas speciaal ontwikkelde voor C&A. “In de tijd dat ik het programma volgde, “ vertelt Lamote, “zei de Board van C&A Europe tegen mij en nog drie collegadeelnemers van C&A ‘Show us what you’ve learned. Kom maar met een nieuwe strategie voor C&A Europe.” Ons werd gevraagd een nieuwe strategie te presenteren aan de Board van C&A Europe. De Board was dermate onder de indruk van ons plan ik per januari 2007 ben aangesteld als General Manager van C&A België en Luxemburg om die strategie in praktijk te brengen.”

